VW 2014 in Saint-Sauveur
Dit jaar eindelijk eens geen donkere bergachtige Ardennen.
Het zou Henegouwen worden: ‘Le plat pays
qui est le mien’…
In gedachten voelden we de zachte zeewind al over onze
wangen glijden,
zagen we de uitgestrekte weidse vlakten met zijn tientallen
kerktorens. Of althans…
Goed we moesten onze
bestemming wat verdoezelen kwestie van onze gîte voor 30 personen gevuld te krijgen. Maar na wat lichte druk kregen
we 15 venten zo dapper om het gewone troosteloze leven voor een weekend vaarwel
te zeggen en zich voor enkele dagen in het losbandige leven en mekaars armen te
wentelen. Voor anderen bleef er geween en tandengeknars.
Of, ze mochten niet van
hun moeder…
(Trouwens den Toon was
12,5 jaar toen hij voor de éérste keer meeging.
Graide-Station 1998!)
De voorbereidende
vergadering van 17 januari hielp ons eraan te herinneren wat we allang wisten
maar ’t kan geen kwaad het nog eens te zeggen; orde moet er zijn!
Veertien dagen hadden we
nog om veel te veel mee te nemen en de 2 meest overbodige spullen in onze
reistassen te steken. ’t Was omdat de Stijn het gevraagd had!
Vrijdag 31 januari:
Een fonkelnieuwe Opel VW-
bestelwagen werd het geleeg van den 102 opgereden teneinde volgeladen om 19 uur
Werchter achter zich te laten. De Pik begon onderweg al zijn eerste animatie. Hij
tetterde zoveel dat hij aan elk naftstation dringend ‘pipi’ moest doen. Dat
begon goed!
De Vincent had zoals
altijd ons logement bevlagd zodat we rond half 9 absoluut wisten waar we
moesten zijn. Naar gewoonte een
verlaten, donker gat waar ze ook nog nooit van straatverlichting gehoord
hebben.
Gelukkig werden we ook nu
weer opgewacht in een feeëriek verlicht interieur en danste het gele licht van
de knetterende vlammen in de haard als geesten op de hoge bakstenen muren. Sfeer!
Natuurlijk begonnen we met
het belangrijkste. In de aanwakkerende stormwind, onder de eerste regendruppels
werden drank, eten en muziek naar binnen gedragen. Het vertier kon beginnen.
Meteen dan maar aan de gedekte
tafel voor een bord lekkere erwtensoep met spekskes en rookworst, made by de
Lutte. De bodem was gelegd. Vanaf dan was het… genieten!
De Wimme en Glenn streden
voor de prijs van appetijtelijkste spaghettisaus mét gemalen kaas.
Scores werden er deze keer
niet gegeven. Vrienden onder mekaar doen dat niet. Die zijn lief…
Soit, er was een binnencafé
met toog en vooral rooktoelating zodat de paffers onder ons zich wat konden
afzonderen maar toch eigenlijk nog bij ons waren. Ideaal.
Het duurde dan ook niet
lang of we zaten knus onderuit gezakt in de talrijke zetels rond de kachel met
een goed boekske in de ene hand en een fleske in de andere. Zegt nu nog dat
venten geen twee dingen tegelijk kunnen! Een mooie, welgevormde auto kiezen en
swenst bier drinken.
Maar eerst kwam de Vincent
met een nieuw onderdeel van onze Ventenuitrusting voor de pinnen.
Hij had samen met de
Jochen een kaki T-shirt met het aan de Frakke ontleende opschrift ‘Zwoegen- Zweten - Zwijgen’ erop, ontworpen
en laten maken.
De mens was er van aangedaan
en wij hebben dat ding dan ook maar aangedaan.
Tijd dan voor een gastoptreden.
De Quick-Step werd uitgerold en onder tromgeroffel werd niemand minder dan Tom
Boonen op onze trap verwelkomd. Die
tempel van een lichaam, die gespierde blote benen, het had evengoed de Pik
kunnen zijn met een stevig stuk laminaat in zijn handen.
We dronken nog iets tot
het tijd werd voor de traditionele nachtwandeling, wierpen een blik door het
raam en dachten: ‘ Zot zeker, gietende regen en windkracht 80 beaufort, Sabine
nog aan toe’.
We zaten daar goed, punt
uit! Er was chips, bier en vooral we hadden mekaar en onze I-phones waarop we
onze medeventen verbaasden met de gekste YouTube-filmkes. Hilarisch!
Sommigen zochten dan reeds
hun slaapplaats op en zo hoorden we bijvoorbeeld na een tijdje de Vincent zijn
bed ritmisch piepen. Er zat verdorie zelfs een effectje op.
De Jokke, ten slotte, neemt
zijn verantwoordelijkheid op en gaat als laatste slapen. Niet voor hij eerst de
breedte van de deuren heeft gemeten en er zich persoonlijk van vergewist heeft
dat er nog genoeg brandhout in de kartonnen doos aanwezig is.
Alleen had Frederik
achteraf nog wat moeite om hem in zijn bed te krijgen. “Neeje pa, g’het echt gene pyjama ba”!
Zaterdag 1 februari:
Half acht ‘s morgens. Eenzaam op mijn kamertje, huilende wind en nog
steeds kletterende regen op het dakraam. Pff… dat ziet er niet goed uit. Dus
nog maar eens omdraaien in die slaapwurmzak.
Een uurtje later stonden
we toch op. Althans, naar goede gewoonte nam ik die wekopdracht op mij. Nie
simpel zenne. Zeker als je de Wouter zijn deur opendoet en een hete walm in ’t gezicht
krijgt. De verwarming stond er helemaal open. Het was er zeker 35° en die ligt
daar dan tot over zijn oren in zijn dekens gedraaid en met al zijn kleren aan!
De vroegste vogels hadden
de tafel reeds gedekt en de Frans probeerde achter het vuur spek met eieren te
bakken. Het leek wel meer op Sushi maar geen kritiek, de mens deed zijn best.
En daarbij… iemand moest het doen, hé. Het smaakte in elk geval.
Ondertussen hadden we ook
een daglichtblik op ons verblijf geworpen en vooral op de omgeving waarin we
terecht waren gekomen. Tiens, zo echt plat is het hier toch niet en vooral begon
de lucht nu niet stilaan wat op te klaren? Nu ons hoofd nog.
Na een tijdje was het
zelfs opgehouden met regenen en maakten we ons klaar voor onze jaarlijkse grote
trektocht. Boterhammen werden besmeerd en met de gekste dingen belegd. We staken
wat appelen, ne stek chocolat en voldoende drank in de rugzak en trokken onze
scoutste (ik kan het niet laten) schoenen aan. De Wimme nam zijn wandel-GPS in
aanslag en meteen was duidelijk dat hij deze wééral in bergop geschakeld had.
De uitroep “mannekes hier zou normaal ne weg bergaf moeten zijn” zouden we nog
verschillende malen horen die dag. De Jokke vloekte dan al eens.
Kortom we trokken onder nog
steeds donkere wolken het Henegouwse landschap in.
Ook de omgeving straalde
een diepe neerslachtigheid uit. Vervallen huizen, troosteloze tuinen vol
rommel. Echt een vrolijk volkje die Henegouwers, dat was duidelijk. Daarom dronken
we regelmatig een jeneverke om ons op te peppen en ook om ons te wapenen tegen
de talrijke modderwegen.
Ook de bossen die we
doorkruisten lagen er verwaarloosd bij en dat was zeker de Frederik niet
ontgaan. Deze groene jongen moest daar iets doen. Zodoende begon hij met de
blote hand enkele bomen te snoeien. Door bijvoorbeeld zo hard te trekken aan
een tak tot ie brak. Manuele bosbouw heet zoiets.
Gelukkig hadden we een
fluitje bij om hem ter orde te roepen. Wie neemt er nu een fluitje mee? Wij dus
en zonder dat we het zelf wisten. Aan onze rugzakken zit er namelijk eentje
verwerkt!
Middagpauze dan. Dit keer
vonden we geen volleybalspelende meisjes en dus gebruikten we een omgewaaide
betonnen paal die algauw omgetoverd werd tot een comfortabele picknickbank. Weldra weerklonk het geritsel
van zilverpapier en dreven de eerste blauwe braadwolken door het bos. Het was de
Pik die zich tegenwoordig toelegt op het bakken van groentenburgers.
Een half uurtje later en
onder een zon die ondertussen door de wolken was gebroken trokken we weer de
baan op.
En ja, net zoals verleden
jaar begonnen we ook nu weer als gek achter een verborgen schat te zoeken. De
Jommekes onder ons konden zich nog eens laten gaan. Edoch, de Cache bleek deze
keer goed verborgen te zijn en ook al ploegden de Wimme, Toon, Vincent, Stefan
en Pieter een half veld om, ze vonden niks.
We sloten onze wandeling
af in het enige café dat ons dorpje telde: Café Communal ‘Au Rallymen’.
Een rustig en gezellig
clubhuis van de favoriete hobby der Walen: rallysport.
We vonden er snel ons
hoekje ook al viel dat niet in goed aarde bij een ouder koppel dat duidelijk
liet merken: ‘ Zeg gaale zit do wel oep ons plets zenne’! Antwerpenaars dus…
Geen probleem, we kropen
wat korter bij mekaar en nodigden hen uit om bij ons te komen zitten.
Zo maakten we kennis met één
van de plaatselijke gewoontes om een staaltje mee te brengen
als je uit eten bent gegaan. Zoals het heerschap dat binnen kwam en meteen het gezelschap
vertelde hoe lekker de mosselen wel waren die hij net had gegeten. Om dit te
bewijzen haalde hij een kanjer van een schelp met een diep oranje mossel uit
zijn broekzak… Tja!
Allee, we legden nog wat
geld bijeen en zwoeren mekaar bij de zoveelste Trappist eeuwige trouw. Diegene
die blut waren of de roep naar de haard niet weerstonden stapten al richting
ons verblijf.
De harde kern bleef nog
even en het was al goed donker toen ook zij huiswaarts keerden. Maar dan, hoe
vind je de weg terug? Gelukkig wees den Toon ons, breed glimlachend met zijn
1000 lumen hoofdlamp, langs waar. Hij was juist een vuurtoren en waarschijnlijk
zijn er die nacht veel schepen verdwaald.
Rugzak af dan, de
wandelschoenen uit en wat opfrissen.
De voorhoede was reeds de
keuken ingedoken en stond achter de kookpotten en frietketels te sudderen. Zelfs
de tafel was al feestelijk gedekt. We waren daar niet treurig om.
Komaan schept die
heerlijke tomatensoep maar in en laat dat stoofvlees met witloof én tomaat maar
komen, hoorden we iemand zeggen. En het geheim van de beste gebakken friet? Dat
hebben we van den Dré zelve geleerd. Je moet namelijk vooral op tijd de ‘nietuitgevroren’
frieten uit de diepvriezer halen zodat ze op tijd ‘uitgevroren’ zijn!!!
Na het opruimen verscheen iedereen in avondkledij in de zitruimte en meteen
bleek waarom de Stijn al een hele dag zo zenuwachtig rondliep. Hoog tijd om hem
uit zijn lijden te verlossen.
Hij had een schitterde
bingoavond met verrassende prijzentafel in elkaar gestoken.
Voorbeelden?
De Wimme weet sindsdien altijd
hoe laat het is als hij thuis komt of met zijn blender aan de gang is. Bij Stefan
dobbert er voortaan een zingend nijlpaardje in zijn badkuip.
Den Toon drinkt al eens
een fleske Omer terwijl hij een groot potlood achter zijn oren steekt.
Jochen geeft weldra voor
zijn verjaardag een piratenparty.
Vincent verwent zijn Nel
met een knuffelkat en Black & Decker lustobject.
Frans heeft een nieuwe
brooddoos en je kan bij hem altijd terecht om een brandje te blussen.
Kriske drinkt vanaf dan zijn koffie uit een fonkelnieuwe tas.
Free vertrekt iedere
morgen naar zijn werk met zijn boterhammen in een VRT rugzak.
Pik heeft nu eindelijk
schoenen met veters en een rekenliniaal om zijn offertes uit te tellen.
De Jokke heeft zijn
drankenkast kunnen aanvullen met graanjenever en cognac.
Pieter kreeg halogeenlampjes
voor in zijn nieuw huis en een fluovest om zijne Lars naar ’t school te
brengen.
Erik drinkt altijd thee
als hij tegenwoordig is en sinds het VW weet hij er ook alles over.
Glenn kreeg niets. Die was
al gaan slapen want hij moest de volgende morgen het vroegst op…
Verder was het een rustige
avond, we waren dan ook allemaal moe.
Zondag 2 februari:
Ondanks het feit dat we
amper gerecupereerd waren van onze tocht lukte het toch om rond 9 uur iedereen
rond de ontbijttafel te krijgen. De Frans en Glenn waren hiervoor de
plaatselijke bakkerijen gaan leegplunderen terwijl Kriske naar gewoonte de
tafel had gedekt. De Witse gaat hem daar volgende jaar bij helpen zodat hij later
die taak kan overnemen. Van vader op zoon.
Ik heb onzen Toon ook
opgeleid om ‘de grapjas’ uit te hangen!
Verse croissants, pistolets,
goeie straffe koffie en thee op tafel. Ze doen dat goed dus mogen ze dat
blijven doen. En wij lieten het ons smaken.
Dan, hét
voormiddagprogramma.
Onze echte sportievelingen Wim en Stefan haalden hun stalen ros van stal en besloten de Henegouws heuvelen te trotseren.
Vermits we, in vogelvlucht
dan toch, maar een kleine 50 km. van het slagveld vandaan waren vonden ook wij
dat we even bij ‘Den Groote Oorlog’ van
100 jaar geleden moesten stilstaan.
We zouden de gruwelijke
omstandigheden waarin de vele krijgsgevangenen die, in treinwagons opéén geduwd,
gedeporteerd werden herdenken. Ok, de
bestelwagen waarmee we iedereen naar Anvaing brachten was waarschijnlijk een
stuk comfortabeler maar als den Toon dan een bierscheet laat waan je toch wel
even in vijandelijk gebied… Mosterdgas... Alarmfase IV!
Snel werden we vrijgelaten
in het dorpje om aldaar in looppas het beroemde kasteel van de graaf de Lannoy te
gaan bezoeken. Gelukkig hadden we verkenners voorop gestuurd zodat deze voorste
Linie ons snel kon doorgegeven dat aldaar de poorten dicht waren. We dankten
nog even de Maagd Maria met een a capella gezang om vervolgens in lichte dril
in café ‘Chez Elbeen’ onder te duiken.
Daar werden we door de
plaatselijke René Artois en vooral zijn vrouw Edith hartelijk als bevrijders
ontvangen. Maar ook hier was het herstel
van de oorlog nog duidelijk bezig. Met man en macht werd er onder toezicht van
een zekere Monsieur Alfonse aan de
elektrische leidingen gewerkt.
Om hun Nighthawk-radio van
stroom te voorzien, fluisterde hij.
Wat verder aan de toog zat een raar figuur met Cécémelmuts op zijn hoofd en
een pot chocomelk voor zijn neus. Het was pas nadat hij zijn bril ophief en
zei: “ It is I, Monsieur Le Clerc” dat we
hem herkenden.
Allee, ’t was goed geweest
en er moest nog gegeten worden. Den overschot van ons weekend moest nog verwerkt
worden en de grote inpak aangevat. Terwijl we dit deden kwam de meneer van ‘de Gîte’ ons verbruik even controleren
en zetten wij ons klaar voor het LCD scherm om naar het WK veldrijden te
kijken. Als van gewoonte.
Dat scherm had echter maar
het formaat van een volwassen briefkaart en dus stelden we voor om het dorpscafé
binnen te vallen om aldaar in ruil voor wat bier de TV op één te zetten. In
Saint Sauveur was alles echter dicht dus reden we door naar Anvaing waar Yvette en Maria ons
aan hun boezem drukten en ons op onze wenken bedienden. Veldrijden en bier.
Venten en plezier…
Jammer dat de koers
verstoord werd door ene Axel Hirsoux die de hele tijd zat te zingen (neemt hem
maar mee naar Vlaanderen klonk het daar in koor) en Maggie de Block die tijdens
de interviews met de wielrenners de hele tijd door het beeld liep!
Het werd een mooie en
boeiende koers met een voorspelbare uitslag. Dus wij terug.
Het signaal werd gegeven om alles
beginnen op te ruimen en in onze auto’s te laden. Het was weeral goed geweest.
We lieten ons huisje vredig achter ons… terug naar Werchter.
Onze dames en kinderen zagen
weer vermoeide maar gelukkige venten aankomen en we konden ons geen mooier ontvangst
wensen dan met ons tante Mia haar legendarische pensen en Jos!
We kunnen beginnen dromen
van versie nummer 18!
Frakke, weeral bedankt
voor de organisatie en je oneindige geduld en werklust.
Vincent voor de gezellige aankleding
en de T-shirts. Jochen voor het ontwerp ervan.
Stijn en Pik voor de animatie.
Wimme voor de wandeling.
Jos, Kris, Wim, Stefan,
Pieter, Frederik, Glenn, Jochen,Toon, Pik, Wouter en Erik om erbij te zijn.
Bedankt Loe voor de beste soep
van de wereld, Wim en Glenn voor de betere spaghettisaus.
Mieke voor de aankopen en Hilde
voor de jaarlijkse, lekkere wafels.
erik.