dinsdag 1 juli 2014

Hét verslag!

VW  2014 in Saint-Sauveur

Dit jaar eindelijk eens geen donkere bergachtige Ardennen. Het zou Henegouwen worden: ‘Le plat pays qui est le mien’…
In gedachten voelden we de zachte zeewind al over onze wangen glijden,
zagen we de uitgestrekte weidse vlakten met zijn tientallen kerktorens. Of althans…

Goed we moesten onze bestemming wat verdoezelen kwestie van onze gîte voor 30 personen gevuld te krijgen. Maar na wat lichte druk kregen we 15 venten zo dapper om het gewone troosteloze leven voor een weekend vaarwel te zeggen en zich voor enkele dagen in het losbandige leven en mekaars armen te wentelen. Voor anderen bleef er geween en tandengeknars.
Of, ze mochten niet van hun moeder… 
(Trouwens den Toon was 12,5 jaar toen hij voor de éérste keer meeging.  Graide-Station 1998!)

 De voorbereidende vergadering van 17 januari hielp ons eraan te herinneren wat we allang wisten maar ’t kan geen kwaad het nog eens te zeggen; orde moet er zijn!
Veertien dagen hadden we nog om veel te veel mee te nemen en de 2 meest overbodige spullen in onze reistassen te steken. ’t Was omdat de Stijn het gevraagd had!

Vrijdag 31 januari:

Een fonkelnieuwe Opel VW- bestelwagen werd het geleeg van den 102 opgereden teneinde volgeladen om 19 uur Werchter achter zich te laten. De Pik begon onderweg al zijn eerste animatie. Hij tetterde zoveel dat hij aan elk naftstation dringend ‘pipi’ moest doen. Dat begon goed!
De Vincent had zoals altijd ons logement bevlagd zodat we rond half 9 absoluut wisten waar we moesten zijn.  Naar gewoonte een verlaten, donker gat waar ze ook nog nooit van straatverlichting gehoord hebben.
Gelukkig werden we ook nu weer opgewacht in een feeëriek verlicht interieur en danste het gele licht van de knetterende vlammen in de haard als geesten op de hoge bakstenen muren. Sfeer!
Natuurlijk begonnen we met het belangrijkste. In de aanwakkerende stormwind, onder de eerste regendruppels werden drank, eten en muziek naar binnen gedragen. Het vertier kon beginnen.
Meteen dan maar aan de gedekte tafel voor een bord lekkere erwtensoep met spekskes en rookworst, made by de Lutte. De bodem was gelegd. Vanaf dan was het… genieten!

 De Wimme en Glenn streden voor de prijs van appetijtelijkste spaghettisaus mét gemalen kaas.
Scores werden er deze keer niet gegeven. Vrienden onder mekaar doen dat niet. Die zijn lief…
Soit, er was een binnencafé met toog en vooral rooktoelating zodat de paffers onder ons zich wat konden afzonderen maar toch eigenlijk nog bij ons waren. Ideaal.
Het duurde dan ook niet lang of we zaten knus onderuit gezakt in de talrijke zetels rond de kachel met een goed boekske in de ene hand en een fleske in de andere. Zegt nu nog dat venten geen twee dingen tegelijk kunnen! Een mooie, welgevormde auto kiezen en swenst bier drinken.



Maar eerst kwam de Vincent met een nieuw onderdeel van onze Ventenuitrusting voor de pinnen.
Hij had samen met de Jochen een kaki T-shirt met het aan de Frakke ontleende opschrift  ‘Zwoegen- Zweten - Zwijgen’ erop, ontworpen en laten maken. 

 De mens was er van aangedaan en wij hebben dat ding dan ook maar aangedaan.
Tijd dan voor een gastoptreden. De Quick-Step werd uitgerold en onder tromgeroffel werd niemand minder dan Tom Boonen  op onze trap verwelkomd. Die tempel van een lichaam, die gespierde blote benen, het had evengoed de Pik kunnen zijn met een stevig stuk laminaat in zijn handen.

 We dronken nog iets tot het tijd werd voor de traditionele nachtwandeling, wierpen een blik door het raam en dachten: ‘ Zot zeker, gietende regen en windkracht 80 beaufort, Sabine nog aan toe’.
We zaten daar goed, punt uit! Er was chips, bier en vooral we hadden mekaar en onze I-phones waarop we onze medeventen verbaasden met de gekste YouTube-filmkes. Hilarisch!
Sommigen zochten dan reeds hun slaapplaats op en zo hoorden we bijvoorbeeld na een tijdje de Vincent zijn bed ritmisch piepen. Er zat verdorie zelfs een effectje op.
De Jokke, ten slotte, neemt zijn verantwoordelijkheid op en gaat als laatste slapen. Niet voor hij eerst de breedte van de deuren heeft gemeten en er zich persoonlijk van vergewist heeft dat er nog genoeg brandhout in de kartonnen doos aanwezig is.
Alleen had Frederik achteraf nog wat moeite om hem in zijn bed te krijgen. “Neeje pa,  g’het echt gene pyjama ba”!

Zaterdag 1 februari:

Half acht ‘s morgens.  Eenzaam op mijn kamertje, huilende wind en nog steeds kletterende regen op het dakraam. Pff… dat ziet er niet goed uit. Dus nog maar eens omdraaien in die slaapwurmzak.
Een uurtje later stonden we toch op. Althans, naar goede gewoonte nam ik die wekopdracht op mij. Nie simpel zenne. Zeker als je de Wouter zijn deur opendoet en een hete walm in ’t gezicht krijgt. De verwarming stond er helemaal open. Het was er zeker 35° en die ligt daar dan tot over zijn oren in zijn dekens gedraaid en met al zijn kleren aan!
De vroegste vogels hadden de tafel reeds gedekt en de Frans probeerde achter het vuur spek met eieren te bakken. Het leek wel meer op Sushi maar geen kritiek, de mens deed zijn best. En daarbij… iemand moest het doen, hé. Het smaakte in elk geval.

 Ondertussen hadden we ook een daglichtblik op ons verblijf geworpen en vooral op de omgeving waarin we terecht waren gekomen. Tiens, zo echt plat is het hier toch niet en vooral begon de lucht nu niet stilaan wat op te klaren? Nu ons hoofd nog.
Na een tijdje was het zelfs opgehouden met regenen en maakten we ons klaar voor onze jaarlijkse grote trektocht. Boterhammen werden besmeerd en met de gekste dingen belegd. We staken wat appelen, ne stek chocolat en voldoende drank in de rugzak en trokken onze scoutste (ik kan het niet laten) schoenen aan. De Wimme nam zijn wandel-GPS in aanslag en meteen was duidelijk dat hij deze wééral in bergop geschakeld had. De uitroep “mannekes hier zou normaal ne weg bergaf moeten zijn” zouden we nog verschillende malen horen die dag. De Jokke vloekte dan al eens.
Kortom we trokken onder nog steeds donkere wolken het Henegouwse landschap in. 


Ook de omgeving straalde een diepe neerslachtigheid uit. Vervallen huizen, troosteloze tuinen vol rommel. Echt een vrolijk volkje die Henegouwers, dat was duidelijk. Daarom dronken we regelmatig een jeneverke om ons op te peppen en ook om ons te wapenen tegen de talrijke modderwegen.

 Ook de bossen die we doorkruisten lagen er verwaarloosd bij en dat was zeker de Frederik niet ontgaan. Deze groene jongen moest daar iets doen. Zodoende begon hij met de blote hand enkele bomen te snoeien. Door bijvoorbeeld zo hard te trekken aan een tak tot ie brak. Manuele bosbouw heet zoiets.

Gelukkig hadden we een fluitje bij om hem ter orde te roepen. Wie neemt er nu een fluitje mee? Wij dus en zonder dat we het zelf wisten. Aan onze rugzakken zit er namelijk eentje verwerkt!
Middagpauze dan. Dit keer vonden we geen volleybalspelende meisjes en dus gebruikten we een omgewaaide betonnen paal die algauw omgetoverd werd tot een comfortabele  picknickbank. Weldra weerklonk het geritsel van zilverpapier en dreven de eerste blauwe braadwolken door het bos. Het was de Pik die zich tegenwoordig toelegt op het bakken van groentenburgers.

Een half uurtje later en onder een zon die ondertussen door de wolken was gebroken trokken we weer de baan op.
En ja, net zoals verleden jaar begonnen we ook nu weer als gek achter een verborgen schat te zoeken. De Jommekes onder ons konden zich nog eens laten gaan. Edoch, de Cache bleek deze keer goed verborgen te zijn en ook al ploegden de Wimme, Toon, Vincent, Stefan en Pieter een half veld om, ze vonden niks.

We sloten onze wandeling af in het enige café dat ons dorpje telde: Café Communal  ‘Au Rallymen’.
Een rustig en gezellig clubhuis van de favoriete hobby der Walen: rallysport.
We vonden er snel ons hoekje ook al viel dat niet in goed aarde bij een ouder koppel dat duidelijk liet merken: ‘ Zeg gaale zit do wel oep ons plets zenne’! Antwerpenaars dus…
Geen probleem, we kropen wat korter bij mekaar en nodigden hen uit om bij ons te komen zitten. 

Zo maakten we kennis met één van de plaatselijke gewoontes om een staaltje mee te brengen als je uit eten bent gegaan. Zoals het heerschap dat binnen kwam en meteen het gezelschap vertelde hoe lekker de mosselen wel waren die hij net had gegeten. Om dit te bewijzen haalde hij een kanjer van een schelp met een diep oranje mossel uit zijn broekzak… Tja!
Allee, we legden nog wat geld bijeen en zwoeren mekaar bij de zoveelste Trappist eeuwige trouw. Diegene die blut waren of de roep naar de haard niet weerstonden stapten al richting ons verblijf.
De harde kern bleef nog even en het was al goed donker toen ook zij huiswaarts keerden. Maar dan, hoe vind je de weg terug? Gelukkig wees den Toon ons, breed glimlachend met zijn 1000 lumen hoofdlamp, langs waar. Hij was juist een vuurtoren en waarschijnlijk zijn er die nacht veel schepen verdwaald.
Rugzak af dan, de wandelschoenen uit en wat opfrissen.
De voorhoede was reeds de keuken ingedoken en stond achter de kookpotten en frietketels te sudderen. Zelfs de tafel was al feestelijk gedekt. We waren daar niet treurig om.
Komaan schept die heerlijke tomatensoep maar in en laat dat stoofvlees met witloof én tomaat maar komen, hoorden we iemand zeggen. En het geheim van de beste gebakken friet? Dat hebben we van den Dré zelve geleerd. Je moet namelijk vooral op tijd de ‘nietuitgevroren’ frieten uit de diepvriezer halen zodat ze op tijd ‘uitgevroren’ zijn!!!  

 
Na het opruimen verscheen iedereen in avondkledij in de zitruimte en meteen bleek waarom de Stijn al een hele dag zo zenuwachtig rondliep. Hoog tijd om hem uit zijn lijden te verlossen.

Hij had een schitterde bingoavond met verrassende prijzentafel in elkaar gestoken.

Voorbeelden?
De Wimme weet sindsdien altijd hoe laat het is als hij thuis komt of met zijn blender aan de gang is. Bij Stefan dobbert er voortaan een zingend nijlpaardje in zijn badkuip.

 Den Toon drinkt al eens een fleske Omer terwijl hij een groot potlood achter zijn oren steekt.
Jochen geeft weldra voor zijn verjaardag een piratenparty.
Vincent verwent zijn Nel met een knuffelkat en Black & Decker lustobject.
Frans heeft een nieuwe brooddoos en je kan bij hem altijd terecht om een brandje te blussen.
Kriske drinkt vanaf dan zijn koffie uit een fonkelnieuwe tas.
Free vertrekt iedere morgen naar zijn werk met zijn boterhammen in een VRT rugzak.
Pik heeft nu eindelijk schoenen met veters en een rekenliniaal om zijn offertes uit te tellen.
De Jokke heeft zijn drankenkast kunnen aanvullen met graanjenever en cognac.
Pieter kreeg halogeenlampjes voor in zijn nieuw huis en een fluovest om zijne Lars naar ’t school te brengen.

Erik drinkt altijd thee als hij tegenwoordig is en sinds het VW weet hij er ook alles over.
Glenn kreeg niets. Die was al gaan slapen want hij moest de volgende morgen het vroegst op…
Verder was het een rustige avond, we waren dan ook allemaal moe.

Zondag 2 februari:

Ondanks het feit dat we amper gerecupereerd waren van onze tocht lukte het toch om rond 9 uur iedereen rond de ontbijttafel te krijgen. De Frans en Glenn waren hiervoor de plaatselijke bakkerijen gaan leegplunderen terwijl Kriske naar gewoonte de tafel had gedekt. De Witse gaat hem daar volgende jaar bij helpen zodat hij later die taak kan overnemen. Van vader op zoon.
Ik heb onzen Toon ook opgeleid om ‘de grapjas’ uit te hangen!
Verse croissants, pistolets, goeie straffe koffie en thee op tafel. Ze doen dat goed dus mogen ze dat blijven doen. En wij lieten het ons smaken.
Dan, hét voormiddagprogramma.
Onze echte sportievelingen Wim en Stefan haalden hun stalen ros van stal en besloten de Henegouws heuvelen te trotseren. 


Vermits we, in vogelvlucht dan toch, maar een kleine 50 km. van het slagveld vandaan waren vonden ook wij dat we even bij ‘Den Groote Oorlog’  van 100 jaar geleden moesten stilstaan.
We zouden de gruwelijke omstandigheden waarin de vele krijgsgevangenen die, in treinwagons opéén geduwd, gedeporteerd werden herdenken.  Ok, de bestelwagen waarmee we iedereen naar Anvaing brachten was waarschijnlijk een stuk comfortabeler maar als den Toon dan een bierscheet laat waan je toch wel even in vijandelijk gebied… Mosterdgas... Alarmfase IV!


Snel werden we vrijgelaten in het dorpje om aldaar in looppas het beroemde kasteel van de graaf de Lannoy te gaan bezoeken. Gelukkig hadden we verkenners voorop gestuurd zodat deze voorste Linie ons snel kon doorgegeven dat aldaar de poorten dicht waren. We dankten nog even de Maagd Maria met een a capella gezang om vervolgens in lichte dril in café ‘Chez Elbeen’ onder te duiken.


Daar werden we door de plaatselijke René Artois en vooral zijn vrouw Edith hartelijk als bevrijders ontvangen.  Maar ook hier was het herstel van de oorlog nog duidelijk bezig. Met man en macht werd er onder toezicht van een zekere Monsieur Alfonse aan de elektrische leidingen gewerkt.
Om hun Nighthawk-radio van stroom te voorzien, fluisterde hij.  
Wat verder aan de toog zat een raar figuur met Cécémelmuts op zijn hoofd en een pot chocomelk voor zijn neus. Het was pas nadat hij zijn bril ophief en zei: “ It is I, Monsieur Le Clerc” dat we hem herkenden.
Allee, ’t was goed geweest en er moest nog gegeten worden. Den overschot van ons weekend moest nog verwerkt worden en de grote inpak aangevat. Terwijl we dit deden kwam de meneer  van ‘de Gîte’ ons verbruik even controleren en zetten wij ons klaar voor het LCD scherm om naar het WK veldrijden te kijken. Als van gewoonte.
Dat scherm had echter maar het formaat van een volwassen briefkaart en dus stelden we voor om het dorpscafé binnen te vallen om aldaar in ruil voor wat bier de TV op één te zetten. In Saint Sauveur was alles echter dicht dus reden we  door naar Anvaing waar Yvette en Maria ons aan hun boezem drukten en ons op onze wenken bedienden. Veldrijden en bier. Venten en plezier…
Jammer dat de koers verstoord werd door ene Axel Hirsoux die de hele tijd zat te zingen (neemt hem maar mee naar Vlaanderen klonk het daar in koor) en Maggie de Block die tijdens de interviews met de wielrenners de hele tijd door het beeld liep!


Het werd een mooie en boeiende koers met een voorspelbare uitslag. Dus wij terug.
Het signaal werd gegeven om alles beginnen op te ruimen en in onze auto’s te laden. Het was weeral goed geweest. We lieten ons huisje vredig achter ons… terug naar Werchter.
Onze dames en kinderen zagen weer vermoeide maar gelukkige venten aankomen en we konden ons geen mooier ontvangst wensen dan met ons tante Mia haar legendarische pensen en Jos!
We kunnen beginnen dromen van versie nummer 18!

Frakke, weeral bedankt voor de organisatie en je oneindige geduld en werklust.
Vincent voor de gezellige aankleding en de T-shirts. Jochen voor het ontwerp ervan.
Stijn en Pik voor de animatie. Wimme voor de wandeling.
Jos, Kris, Wim, Stefan, Pieter, Frederik, Glenn, Jochen,Toon, Pik, Wouter en Erik om erbij te zijn.
Bedankt Loe voor de beste soep van de wereld, Wim en Glenn voor de betere spaghettisaus.
Mieke voor de aankopen en Hilde voor de jaarlijkse, lekkere wafels.

                                                                                                                                                                        erik.